Wat is boekweit als karperaas?
Boekweit is het zaad van Fagopyrum esculentum, bij ons uit Polen, geleverd als droog en ongekookt partikel in een donkerbruine kleur. Je koopt het per 2,5, 5, 10 of 20 kilo, en voor grootverbruikers per 200 kilo. Droog blijft het twaalf maanden goed, koel en droog bewaard. Na het koken houd je factor 2 over, dus uit 2,5 kilo droog komt ongeveer 5 kilo klaar voer.
Waarom kiezen karpervissers boekweit?
Boekweit slijmt sterk: laat je het na het koken een paar dagen in het kookvocht staan, dan krijg je een stroperige massa die geur vasthoudt en langzaam afgeeft. De zaden zijn klein genoeg om de karper te laten zoeken en groot genoeg om niet direct weg te zijn. Door de donkere kleur ligt je voer bovendien onopvallend op de bodem, wat helpt bij vis die schrikt van een fel voerbeeld.
Voor wie is boekweit wel en niet geschikt?
Als haakaas is boekweit te klein; kies daarvoor gele maïs of een noot uit onze droge tijgernoten. Wil je een partikel dat vooral olie afgeeft in plaats van slijm, dan is hennep logischer. Zoek je boekweit al gecombineerd met hennep in één mix, kijk dan bij partikel mixen droog. Alle losse soorten staan bij partikels droog.
Hoe bereid je boekweit?
Laat het zaad 24 tot 48 uur weken in ruim water en kook het daarna ongeveer twintig minuten. Laat het in het kookvocht afkoelen en zet het vervolgens 3 tot 4 dagen weg om te rijpen, want dan komt het slijm echt op gang. Voer het compleet met vocht. Ongekookt is boekweit onverteerbaar, dus sla die stappen nooit over. De algemene werkwijze staat op tijgernoten koken.